Christenunie in de stress over GroenLinks en godsdienstvrijheid

Het is interessant om te zien hoe krampachtig de geestverwanten Christenunie en het Nederlands Dagblad reageren op GroenLinks en D66 als het gaat om de godsdienstvrijheid. Jammer, want het is belangrijk genoeg om goed na te denken over de vrijheid.

Eerst wordt een stuk van Dick Pels (directeur Wetenschappelijk Bureau GroenLinks) en mijzelf nogal karikaturaal weergegeven (ND 26-03, zie mijn reactie hier).  Vervolgens gaat CU-kamerlid Joël Voordewind aan de haal met wat Femke Halsema gezegd heeft over discriminatie in door de overheid gesubsidieerde christelijke organisaties (ND 02-04, zie ook haar eigen reactie daaronder). Ze heeft een ‘blinde vlek’. Dan heeft ND-redacteur Koert van Bekkum van die krant het over ideologische verblinding bij de Hoge Raad, vanwege het SGP-besluit: ‘de dames van GroenLinks hebben het voor elkaar’ (ND 10-04). Nog geen week later is de beurt aan de nieuwe voorzitter van de CU-jongeren Robert Heij, die de intolerantie van Halsema en Pechtold ‘PVV-achtig’ noemt (ND 17-04).

Het beeld dat de vier bijdragen oproepen is dat GroenLinks een harde secularistische strijd voert tegen religie. ‘Godsdienstvrijheid, met name die van christenen, komt van buitenaf steeds meer onder druk te staan’, zegt Heij. Misschien zijn hij en de andere auteurs niet goed geïnformeerd of bang of beide. Maar onzin is het wel. Lees maar in het verkiezingsprogramma van GroenLinks:

‘GroenLinks is er juist trots op. Eeuwenlang liep ons land voorop in godsdienstvrijheid. Nog steeds mag je zelf bepalen waar je wel en niet in gelooft. Vrijzinnigheid betekent ook dat je staat voor redelijkheid en dialoog. Voor een open samenleving met respect voor mensenrechten en minderheden. Er zijn dus grenzen: geen geweld, geen discriminatie, geen geloofsdwang.’

‘Iedereen heeft het recht om anders te zijn. Er bestaat niet één definitie van het goede leven.’ Maar: ‘De ruimte voor verschil wordt begrensd door de wet. Je mag een ander niet je wil opleggen, ook al gaat het om de partner met wie je samenleeft. Je mag niemand discrimineren, ook niet op een reformatorische school. Een vrijzinnige samenleving bestaat bij de gratie van een betrouwbare rechtsstaat die ieders vrijheid beschermt.’

‘De wet kan geen tolerantie afdwingen. Dat is een houding die moet worden voorgeleefd, allereerst door mensen in vooraanstaande posities. Ook van de leiders van religieuze, etnische en andere gemeenschappen – die in ons land ruimte krijgen dankzij de vrijzinnigheid – mogen we verlangen dat ze het goede voorbeeld geven. Ze behoren andere levensstijlen niet te verketteren, ook al botsen die met hun diepste overtuigingen.
Religie is voor veel mensen zingevend en bezielend. Religieuze groepen leveren vaak een waardevolle bijdrage aan de samenleving. Maar deze gemeenschappen mogen hun leden niet beletten het geloof de rug toe te keren of op eigen wijze vorm te geven. Het dienen van een god mag geen groepsdwang zijn, geen gebod van echtgenoot of familie. Te veel vrouwen worden veroordeeld tot een geïsoleerd bestaan door orthodoxe geloofsopvattingen.’

Dat zijn geen woorden van een anti-religieuze partij. Het zijn woorden van een partij die respect voor religie verbindt aan religiekritiek. Die niet alleen de collectieve godsdienstvrijheid verdedigt, maar ook de individuele. En die zich er niet bij neerlegt als godsdienstvrijheid misbruikt wordt om anderen, kwetsbaren, te discrimineren. Dat wil zeggen: GroenLinks is van mening dat de kerken niet buiten de rechtstaat vallen. Dat is geen aanval op godsdienst; het is een oproep aan godsdiensten om bij te dragen aan mensenrechten en basale waarden van de rechtstaat, zoals verwoord in de grondwet. Of anders gezegd (en dan spreek ik ook als theoloog): aan de waarden die in die godsdienst zelf centraal staan…

In die zin is de staat inderdaad niet neutraal. De staat is religieus onpartijdig, maar is wel de verdediger van die basale waarden. Soms via de wet, soms via beleid, soms via het publieke debat. Niet als zedenmeester met particuliere voorkeuren, maar als beschermer van de vrijheid van allen.

Op dat punt zou de Christenunie (en het ND) niet zo bang moeten zijn en ook wat minder moeten polariseren. Als de CU wat minder krampachtig reageert, zal ze ontdekken dat GroenLinks een betere bondgenoot is, juist op dit punt.

Een kritische doordenking van de verhouding van kerk en staat is meer nodig dan ooit. Dan helpt het als christenen niet gelijk in de stress schieten, maar kritiek op de negatieve kanten van religie serieus nemen. Zonder die (zelf)kritiek is het beroep op godsdienstvrijheid een beetje goedkoop.

Advertenties

Reacties staat uit voor Christenunie in de stress over GroenLinks en godsdienstvrijheid

Opgeslagen onder Religie en politiek

Reacties zijn gesloten.