Democratie en de winst van de PVV

Al dagen loop ik me af te vragen of ik iets moet schrijven over de grote groei van de PVV. En zo ja wat? Is het een bedreiging van de democratie? Of is het juist een overwinning van het volk op het establishment en dus democratie 2.0? Ik ben er niet uit en dat betekent misschien wel dat het begrip ‘democratie’ zelf ter discussie staat.

We konden het al zien aankomen in de peilingen, maar de uiteindelijke overwinning van de PVV is nog groter dan verwacht. En misschien zijn daardoor ook de reacties scherp. CDA-prominenten waarschuwen tegen een mogelijke coalitie met de PVV. Een groep ambtenaren bereidt zich voor om op grond van gewetensbezwaren niet mee te werken aan de uitvoering van besluiten uit PVV-koker. Een enkeling gaat zo ver PVV-stemmers uit het sociale netwerk (LinkedIn etc) te ontvrienden…

Aan de andere kant is mij – voor en na de verkiezingen – opgevallen hoe verbloemd mensen spreken over hun stem op de PVV. ‘Nee, ik stem op een andere partij dan u’ en pas na enig doorvragen: ‘die blonde meneer. Meer zeg ik niet.’ Dat is niet zo vreemd in een tijd waarin PVV-verkiezingsposters vernield worden of waar antifascistische actiegroepen er eigen posters overheen plakken. Maar zorgelijk is het wel als mensen niet durven te zeggen dat ze voor de PVV stemmen.

Ik moet eerlijk zeggen dat de groei van de PVV ook mij de nodige zorgen baart. Als er iets is wat we niet nodig hebben, is het nog meer Wilders-geluiden en adepten. De positie en omvang van de PVV is een van de belangrijkste redenen voor de waarschijnlijk problematische coalitievorming; door hun opstelling hebben ze bewerkstelligd dat er nauwelijks partijen met hen willen samenwerken (alleen in de VVD en de SGP hoor je overwegend positieve geluiden). Ook daarom heb ik moeite met een zo grote PVV.

En toch voel ik me ook ongemakkelijk met frontale tegenacties, boycotten en wat dies meer zij. Ze werken volgens mij averechts, omdat ze precies bijdragen aan het zwart-wit-denken dat we van Wilders kennen en dat we nu net zullen moeten zien te overwinnen. Wie de standpunten van Wilders wil bestrijden, moet niet in dezelfde valkuil trappen.

De PVV is – of je dat prettig vindt of niet – een gewone partij in het democratisch speelveld. Dat de partij intern niet democratisch is georganiseerd, verandert daar niets aan. Zolang ze zich houdt aan de democratische spelregels, zullen wij ons er voor in moeten zetten om haar plaats in het bestel te verdedigen. Anderhalf miljoen stemmers verdienen het om serieus genomen te worden. En als zij het gevoel hebben dat ze niet vrij uit mogen of kunnen komen voor hun politieke voorkeur, dan gaat er iets fout in dit land. De opkomst van de PVV heeft voor een deel te maken met het gevoel van mensen dat hun ervaringen, problemen, wensen onvoldoende vertegenwoordigd worden in Den Haag. ‘Ze luisteren toch niet naar ons.’ Een partij als de PVV leeft van de onvrede met hoe de democratie nu functioneert (of beter: wakkert die onvrede aan). Dat hebben we serieus te nemen.

Maar daar is niet alles mee gezegd. Want deze procedurele democratie is inderdaad wel onmisbaar, maar ze is niet genoeg. Principiële democratie gaat om diepere waarden dan de vraag naar de meerderheid en de stemverhoudingen. Dat draait om de grondwaarden als vrijheid (voor iedereen) en gelijkheid (voor iedereen). Principiële democratie is er steeds op uit om iedereen erbij te betrekken, een inclusieve samenleving op te bouwen en kwetsbaren te beschermen.

Precies op dat punt zit volgens mij het democratisch tekort van  de PVV. Een partij die onderscheid maakt tussen mensen en tussen groepen, die een tweedeling veroorzaakt en die bepaalde mensen collectief buitensluit, die kan zich honderd keer beroepen op de democratische spelregels, maar schendt zelf de democratische grondwaarden. Ironisch genoeg: de grondwaarden van de westerse samenleving waarvoor men zegt op te komen.

Het is natuurlijk niet helemaal duidelijk hoe het verder gaat. De PVV lijkt wat te normaliseren en de scherpste randjes gaan er misschien vanaf. Hoe meer ze vanuit de marge bij het establishment gaan horen, des te meer zal dat gebeuren. (Voor Wilders zal dat geen probleem zijn. Die heeft na een paar jaar werken bij overheidsdiensten alleen maar onder de Haagse stolp vertoefd. Hij ís establishment.) De grote vraag is of ze het populistische aanwakkeren van tegenstellingen ook zullen loslaten. Daar ligt immers hun aantrekkingskracht, maar ook hun achilleshiel.

Hoe te antwoorden op de winst van de PVV? Drie zaken lijken mij belangrijk. Allereerst accepteren van de procedureel-democratische situatie: de PVV is een partij die er toe doet. In de tweede plaats de ervaringen en zorgen serieus nemen van al die mensen die (terecht of niet) denken dat Wilders een antwoord heeft. En ten derde principieel blijven opkomen voor de democratische grondwaarden die bij hem op het spel staan.

Maar het belangrijkste is niet terecht te komen in dezelfde manier van redeneren en communiceren als de PVV. Het kan zo voor de hand liggen om te willen boycotten, maar feitelijk heb je dan de stijl van Wilders overgenomen. Wie een karikatuur van hem maakt en de PVV als gevaar beschrijft, die doet hetzelfde als hij doet met de Islam. Wie zichzelf toestaat afkeer te koesteren, die heeft hem al gelijk gegeven.

Het belangrijkste is niet zijn spel te spelen of daar tegen in te gaan, maar eenvoudigweg door te gaan met het vormgeven aan de democratische grondwaarden. Dat is een kwetsbaar antwoord, maar wel het enige. Een onverwachte actualisering van dat bijbelse principe: als iemand u op de ene wang slaat, keer hem ook de andere toe. De linker wang dan.

Advertenties

Reacties staat uit voor Democratie en de winst van de PVV

Opgeslagen onder Politiek

Reacties zijn gesloten.